Benoeming RADIO-AMATEUR VAN HET JAAR 2025

Considerans, uitgesproken door dr.ir. P.T. de Boer, PA3FWM,
tijdens de Dag voor de Radioamateur te Rosmalen op 15 november 2025

Mijnheer de voorzitter, dames en heren,

Voor het eerst in twee jaar is er weer een Dag voor de Radio-Amateur, en wordt er weer een Radio-Amateur van het Jaar benoemd. De Radio-Amateur van het Jaar wordt benoemd door het Vederfonds, maar op voordracht van de VERON. Dat doen we zo omdat de VERON een veel beter zicht heeft op mogelijke kandidaten dan het bestuur van het Vederfonds, al zijn ook meerdere Veder-bestuursleden zelf zendamateur. Bij gebrek aan een geschikte gelegenheid voor de uitreiking heeft het VERON-Hoofdbestuur niemand voorgedragen in 2024. Dus het jaar 2024 slaan we over, net zoals we bij de benoeming in 2022 de coronajaren hebben overgeslagen. Een amateur van het jaar wordt weliswaar in een bepaald jaar in het zonnetje gezet, maar veelal voor verdiensten die zich over meerdere jaren hebben uitgestrekt. En ik kan u alvast verklappen dat dat dit keer ook zeker het geval is.


Met die administratieve zaken uit de weg, kunnen we ons richten op wie dan wel amateur van het jaar kan worden. Wat kenmerkt een radio-amateur eigenlijk? Dat is toch wel de interesse voor techniek. En meer dan dat: een nieuwsgierigheid om te leren, nieuwe of zelfs gekke ideeën te bedenken en in de praktijk uit te proberen. Zo staat het ook in de regelgeving: de amateurradiodienst is een dienst van `zelfontwikkeling'.

Het fascinerende aan de radiotechniek is dat je signalen, informatie, kunt overbrengen over een grote afstand en zonder draad ertussen. Dat gold zeker in de begintijd, toen internet en mobieltjes nog niet bestonden. Maar ook nu geldt het nog: het is fascinerend dat je met een draadje of sprietje in de tuin kunt communiceren met iemand aan de andere kant van de wereld, zonder internet of mobieltje!

Zoiets fascinerends, dat met relatief eenvoudige middelen mogelijk is, trekt nieuwsgierige mensen aan. Mensen die er meer van willen leren, het zélf willen proberen, en mogelijk ook de techniek een stapje vooruit helpen. Zo is, ongeveer een eeuw geleden, onze hobby ontstaan, en dat is nog steeds zijn bestaansrecht.

In die begintijd was elektronica bijna synoniem met radiotechniek, maar dat is daarna veranderd. Elektronica bleek ook nuttig voor andere zaken dan radio. In het bijzonder bleek het mogelijk om met elektronica apparaten te bouwen die kunnen rekenen. En automatisch rekenen bleek je heel ruim te kunnen opvatten: die apparaten kunnen ook teksten verwerken, en beelden maken, en processen automatiseren. Ik heb het natuurlijk over de opkomst van de computer. Aanvankelijk waren die groot en duur, maar inmiddels al weer ongeveer een halve eeuw geleden werden die zo klein en goedkoop dat ze ook voor hobbyisten bereikbaar werden.

De computertechniek trok natuurlijk deels dezelfde mensen aan die ook door radiotechniek gefascineerd waren, en die mogelijkheden gingen zoeken om beide fascinaties te combineren. Tegenwoordig vinden we het vanzelfsprekend om met de computer radiosignalen uit te zenden en te ontvangen, maar ooit was dit nieuw. In Electron van december 1979 lezen we dat een radioamateur een programma heeft gemaakt om met zijn thuiscomputer Hell-signalen te zenden en ontvangen: een revolutionair alternatief voor wat tot die tijd met een elektro-mechanisch apparaat moest worden gedaan!

Wellicht minder bekend is dat die eerste hobbycomputers uit de jaren '70 en '80 ook gebruikt zijn om data te versturen via de grote Hilversumse omroepzenders. Die computers sloegen namelijk hun data op als audiosignalen op cassettebandjes, en die audiosignalen kun je ook via de radio uitzenden, zo realiseerden medewerkers van het NOS-radioprogramma Hobbyscoop zich. Maar omdat elke computer z'n eigen formaat had, moest je weken wachten voordat 'jouw' computer weer aan de beurt was. Hiervoor werd als oplossing "Basicode" ontwikkeld: een universeel formaat om Basic-programma's te schrijven en in audio op te slaan, dat door alle hobbycomputers ingelezen kon worden met eenmalig geschreven hulpprogramma's. Voortaan waren de cirkelzaaggeluiden die via de Hiversumse radiozenders waren uitgezonden, voor alle hobbycomputerbezitters nuttig. Het idee hiervoor kwam, uiteraard zou ik haast willen zeggen, van een radio-amateur: een mooi voorbeeld van hoe een hobbyist een mooi en origineel idee heeft én in de praktijk brengt.

Een ander product van die thuiscomputerrevolutie was PI7CWE, dat decennialang vanaf een hoog gebouw van de TU in Eindhoven dagelijks morse-oefeningen heeft uitgezonden. Het hart hiervan was een Philips P2000 computer. Die computer deed niet alleen de besturing, maar genereerde ook de morsetoontjes. Maar zo'n P2000 kon alleen maar blokgolven maken, met hoogstens drie niveaus: uit, positief of negatief. Anderhalf bit wordt dat wel genoemd. De radioamateur die dit ontwikkelde wilde echter geen snerpende blokgolf, maar een welluidende sinus, en kreeg dat voor elkaar door heel snel tussen die drie niveaus heen en weer te schakelen.

Dat is lang geleden, zo rond 1990. Oude koek misschien. Maar in 2012 zien we dit principe opnieuw opduiken in Electron, maar nu in een 500 kHz zender, waar door handig heen en weer te schakelen tussen nul, negatief en positief, de derde harmonische al bij voorbaat flink onderdrukt wordt.

Het idee om een mooi signaal op te wekken met anderhalf bits is trouwens nog steeds actueel. Nog dit jaar heeft een student aan de Universiteit Twente er theoretisch aan gerekend in de context van millimeter-golven. Maar zij is ook zendamateur, en heeft haar algoritmes vervolgens in de praktijk gedemonstreerd met geluidsgolven uit luidsprekers die elk met anderhalf bit worden aangestuurd. Mijn voorganger in het Vederfondsbestuur zou dit ongetwijfeld zeer waarderen; hij heeft vaak gezegd dat wetenschappers nog wel 'ns de neiging hebben om iets alleen theoretisch uit te zoeken, terwijl de radioamateur het ook graag in de praktijk beproeft.

Bladerend door oude jaargangen van Electron kom je nog veel meer voorbeelden tegen van slimme en ongewone ideeën van radioamateurs.
Wat te denken van het gebruik van LEDs in een nagebouwde jaren-30-stijl mechanische TV-ontvanger?
Of het gebruik van een vork (zo eentje uit de bestekla) om een antennedraad te installeren?
Of een microcontroller om een elektromechanische klok op de juiste snelheid te laten lopen?
Of het bouwen van een radio op een plank met spijkers?
En dan niet een simpel middengolfradiootje, maar een échte kortegolfontvanger?

Met die spijkerradio komen we terug bij waar ik deze considerans mee begon, namelijk het fascinerende van radio. De spijkerradio was bedoeld om door jongeren, kinderen zelfs, te worden nagebouwd, in de hoop hen voor de techniek te interesseren. Immers, onze hobby mag dan fascinerend zijn, maar de te fascineren personen moeten er wel kennis van kunnen nemen.

Er wordt vaak gezegd dat onze hobby vergrijst, en wie hier om zich heen kijkt zal dat vast beamen. Maar: dat de hobby vergrijst wordt al tientallen jaren gezegd! In de jaren '90 was er zelfs een rubriek in de Electron, de "Jongste Top 10". Dat van die top-10 de oudste veelal rond de 18 jaar was, zegt genoeg over hoe weinig jonge instroom er ook toen al was. Maar onze hobby bestaat nog steeds, dus blijkbaar weten we toch nog steeds nieuwe, jonge en iets minder jonge, mensen aan te trekken. Dat is te danken aan de inspanningen van heel wat amateurs die kinderen en anderen laten kennismaken met radio, en die cursussen geven ter voorbereiding op het zendexamen.


Dames en heren, het Hoofdbestuur van de VERON heeft een radiozendamateur voorgedragen als Radio-Amateur van het Jaar 2025, die vele creatieve technische ideeën heeft bedacht en gepubliceerd in amateurradio en aanverwante gebieden, die met groot enthousiasme over onze hobby kan spreken, en zich heeft ingezet om jongeren te interesseren voor de radiotechniek en op te leiden voor het zendexamen. Als kind al wilde hij uitvinder en professor worden, en dat heeft hij niet alleen beroepshalve maar óók in de hobby waargemaakt. Het bestuur van de Stichting Wetenschappelijk Radiofonds Veder heeft deze voordracht dan ook gaarne overgenomen.

Dan wil ik nu graag het woord geven aan de voorzitter van het Wetenschappelijk Radiofonds Veder, de heer Eduard van Hoboken. Hij zal u gaan onthullen wie tot Radioamateur van het Jaar 2025 wordt benoemd.

Radioamateur van het Jaar 2025: Klaas Robers, PA0KLS

Foto van Klaas PA0KLS