Prijsuitreiking de heren P. Baltus en B.J. Morsink

Considerans, uitgesproken door prof.dr.ir. Jens C. Arnbak,
op de NERG bijeenkomst te Utrecht op dinsdag 11 april 2006

Geachte Mw. Olthof, geachte toehoorders, Dames en Heren

Vandaag komt mij de eer toe hier kort uiteen te zetten op welke bijzondere gronden het Bestuur van Het Wetenschappelijk Radiofonds Veder besloten heeft om de Veder prijs 2005 uit te reiken. Zoals wellicht bekend wordt de prijs - bestaande uit een oorkonde en een geldelijk bedrag - jaarlijks sinds 1929 uitgereikt, en wel aan de man of vrouw, door geboorte tot de Nederlandse nationaliteit behorende, die een belangrijke bijdrage heeft geleverd tot de radiotechniek of de hiermee aanverwante wetenschap en techniek. Heden is dus aan de orde de Prijsuitreiking voor afgelopen jaar, ofwel 2005.

De twee prijswinnaars zijn dr.ir. Bart Johan Morsink, werkzaam bij Thales Nederland in Hengelo, en prof.dr.ir. Peter Baltus, werkzaam bij Philips op het Advanced Systems Lab in Eindhoven. Dat er in 2005 sprake is van twee winnaars van een Vederprijs in 2005 is weliswaar bijzonder, maar het komt vaker voor in dit tijdperk waarin juist radio-communicatie en daarmee aanverwaante antennetechnieken en hoogfrequente elektronica snelle technologische - als ook economische - ontwikkelingen ondergaan. Denkt u maar aan het feit dat er inmiddels in een groeiend aantal europese landen thans meer mobiele telefoons zijn dan inwoners - of, anders gezegd, vele mensen menen nu meer dan één mobiele telefoon nodig te hebben.

Een ander kenmerkend trend in deze tijd is dat steeds meer winnaars van de Veder-prijs dat zijn geworden op grond van een academisch proefschrift. In vroegere jaren van het Fonds - zeg maar van vóór de Tweede Wereldoorlog en tot de echte commerciële doorbraak van de micro-elektronica in de jaren '80 - waren veel Veder prijzen gerelateerd aan grote nationale projecten, bijv. binnen het Staatsbedrijf der PTT, TNO of de elektrotechnische industrie, met Philips en Hollandse Signaal Apparaten voorop. In die vroege periode was het veel minder gebruikelijk om voor de Veder-prijs in aanmerking te komen op grond van een individuele academische promotie. Dat had wel een atuurlijke achtergrond - immers, de wetenschappelijke promotie was toen nog niet, zoals tegenwoordig, als Tweede Fase in de universitaire opleiding weggelegd, maar meestal een lang gekoesterde en gerijpde vrucht van een grote - al dan niet universitaire - onderzoeksgroep. Van een dergelijke groep mocht dan het - veelal professorale - boegbeeld de Vederprijs in ontvangst nemen, mede namens zijn groep.

In dat opzicht passen de beide prijswinnaars die wij straks zullen huldigen, beter in de oorspronkelijke traditie van toekenning, alhoewel zij beiden zeker wel op grond van een uitmuntend proefschrift de Veder-prijs in ontvangst nemen. Toch hebben allebei zeer duidelijk de basis van het proefschrift geplaatst in de industriële context van ontwikkeling en verificatie van complexe systemem, onderworpen aan zware omgevingseisen en/of kostenbeperkingen. Voor zover ik - zonder hen te kennen - kan oordelen, zijn beide heren zich dan ook zeer bewust van de vele externe randvoorwaarden die aan hun respectieve ontwerp zijn opgelegd. Uiteraard zijn deze concrete randvoorwaarden zeer verschillend in de beide studies van de prijswinnars.

Als ik mag beginnen met het werk van Dr. Morsink, herken ik heel veel van de mathemathische fysica, mijn hoofdvaak meer dan 35 jaar geleden aan de TU in Kopenhagen. Toentertijd ben ook ik gepromoveerd op antennes met periodieke structuren, berekend met de aloude Galerkin's methode als basis van moderne computerberekeningen. Maar terwijl ik steeds moest worstelen met allerlei wiskundige benaderingen van speciale analytische functies, of op oneindige periodieke structuren zonder randverschijnselen terug moest vallen, kon Dr. Morsink in het huidige tijdperk van immense rekenkracht veel grotere stappen zetten ten aanzien van sturing van complexe phased-array antennes. Maar zelfs dan had ook hij nog versnellingstechnieken nodig voor de bijbehorende berekeningen van de veldverdeling over de antenne-apertuur van een moderne array-antenne met snelle bundelsturing.

Het bestuur van het Veder-fonds heeft op grond van Dr. Morsink's niet alleen heldere, doch ook doeltreffende wiskundige berekeningmethodes besloten om hem de Vederprijs 2005 toe te kennen

"Voor zijn efficiënte EM-veldmodellering van phased-array antennestructuren".

Vervolgens kom ik toe aan het werk van de andere winnaar in 2005 van een Veder-prijs, Prof. Peter Baltus, die als fellow werkzaam is in het RF/Advanced Systems Lab van het Philips Semiconductor Innovation Center in Eindhoven. Prof. Baltus staat daar voor een zeker even complexe omgeving als Dr. Morsink, zij het hier op het gebied van systeemarchitectuur en bouwstenen van de hoogfrequente elektronica. De vaak zeer uiteenlopende keuzemogelijkheden in de ontwikkeling van de moderne consumenten-electronica maken het noodzakelijk om op uiterst systematische wijze met het ontwerpen van multi-inzetbare bouwstenen voor industriŽle producten om te gaan. Hiervoor is inbreng van diverse disciplines nodig.

Professor Baltus geeft leiding van het RF Architecture Team voor zend/ontvang-eenheden die multi-inzetbaar dienen te zijn, gelet op de na te streven kostenstructuur en concurrentieverhoudingen in moderne consumenten-elektronica. De heer Baltus is deeltijd hoogleraar op dit gebied aan de TU Eindhoven.
Het bestuur van het Veder-fonds heeft op grond van Prof. Baltus' rol in de architectuurbepaling èn zijn ontwerp van multi-inzetbare front ends ten behoeve van radiosystemen besloten om hem de Vederprijs 2005 toe te kennen:

"Voor zijn prominente rol in de multidisciplinaire ontwikkeling van radio interfaces".

Mede namens de overige leden van het bestuur van het Veder-fonds feliciteer ik de beide prijswinnars in 2005 van harte, en wens hen veel voldoening bij de verdere ontwikkeling van hun deskundigheid op hun respectieve vakgebieden.

Mag ik thans de voorzitter van het fonds, mevr. Olthof-Kosters, verzoeken de prijzen uit te reiken.